Nieuwe verkiezingen zijn al weer in zicht. Al weet je het landelijk natuurlijk maar nooit welke eerst komen! Nee, ik doel nu toch echt op de gemeenteraad verkiezingen in maart 2018. Waarom nu? Nou ja, voor ons ligt de perspectiefnota die de inhoudelijke en grove financiële contouren weergeeft voor 2018 en verder. Het is nu eenmaal de plicht van het huidige college om zeg maar, een voorschot te nemen op de jaren na vorming van een nieuw college. U zult begrijpen dat ik daar financieel niet teveel op vooruit wil lopen.
Maar inhoudelijk is het wel van belang om na te gaan wat de plannen zijn en met welke financiële implicaties en waar dat anders zou kunnen. Inderdaad nu nog met de nodige voorzichtigheid. Je kunt niet gelijk voorspellen welke coalitie na de verkiezingen aan de macht komt. Zeker nu de uitkomst landelijk ook nog erg ongewis is en we daar, of we dat nu leuk vinden of niet, erg van afhankelijk zijn.
In de perspectiefnota valt in ieder geval in de bijlagen -die we volgens het cda nog apart zouden moeten bespreken, waarom die dan in de nota zitten is een raadsel – dat het huidige college nog erg veel te doen heeft en blijkbaar – getuige de tijdscope van mei 2018 (vele malen in de nota genoemd) over haar regeerperiode heen kijkt, en het idee heeft dat zij tot mei 2018 de tijd heeft om het coalitieprogramma uit te voeren. Maar goed terug naar de hoofdstukken voor de bijlagen.
Er is niet zoveel perspectief te ontdekken in de huidige nota:
- Er staat niet in op welke wijze en in welke tijdspanne gekomen gaat worden tot een omgevingsvisie: een belangrijk document die we nodig hebben om nu eindelijk te beschikken over een visie over wat wij willen met onze gemeente: landbouw, landschap, plattelandsontwikkeling, leefbaarheid, mobiliteit etc. We komen daar later op terug via een motie om tot een echte visie te komen.
- Ook wordt nog niet duidelijk gemaakt op welke wijze en middelen we gaan zorgen voor een energie neutraal Bronckhorst in 2030: de doelstelling ligt al wel vast maar hoe te bereiken blijft nog onduidelijk.
- Op welke wijze gaan we de krimp te lijf: er vindt al een verkenning plaats maar hoe verder en met welke mogelijke financiële gevolgen vinden we niet terug in deze nota.
- Op welke wijze gaan we creatief om met de omzetting van voormalige agrarische bedrijven op het platteland: van bedrijvigheid tot mantelzorg woningen of gewoon tweede woningen. En wat hebben we daar financieel voor over?
- Geconstateerd wordt dat de bezuinigingen op het sociale domein op termijn zijn effect gaan krijgen: betekend dat dan het zorgniveau aangepast wordt of hoe gaan we dat aanvliegen? Gelukkig kan het niveau van hulp en zorg in 2018 wel gegarandeerd worden.
- Ook het hoofdstuk regionaal bedrijventerrein, een aantal keren volop in discussie geweest is ook zo’n dossier waar de uitkomst maar ongewis blijft. Noordelijk deel verkopen, herbestemmen of toch maar wachten met alle risico’s van dien. Een schone taak voor een nieuw college om hier een ei over te leggen die dan hopelijk wel uitgebroed is.
Kortom er hadden nogal wat vergezichten getoond kunnen worden maar dat is niet terug te vinden. Het kan natuurlijk zijn dat het college zich in het laatste jaar van haar regeerperiode wat koest wil houden en niet teveel gras voor de voeten wil wegmaaien van een nieuw college. Laten we het maar bij het laatste houden en met veel goede gedachten, ideeën, goede moed en inspiratie het nieuwe jaar ingaan. Financieel is 2018 geen probleem. Gelukkig maar.